Schutting plaatsen

78% of 100%

Wanneer je een tuinscherm of schutting gaat plaatsen dan is het belangrijk om eerst goed te bedenken wat je wilt:

  • Aan welke voorwaarden moet de tuinafscheiding voldoen?
  • Wat voor invloed heeft de tuinafscheiding op de tuin of het huis?
  • Kijk naar de lichtinval of schaduwwerking.
  • Moet de afscheiding tegen een stootje kunnen van spelende kinderen of honden?
  • Wil je graag een afgesloten omheining of moet deze juist doorzichtig zijn?
  • Informeer bij de buren wat zij ervan vinden. Misschien kunnen jullie de kosten delen?


Aandachtspunten
Voor het plaatsen van een erfafscheiding is mogelijk een vergunning nodig.
Twijfel je? Informeer bij je gemeente.

  1. Type tuinafscheidingen

    Draadafscheiding
    Een draadafscheiding kan redelijk snel geplaatst worden. Dit is één van de goedkoopste en meest onderhoudsvriendelijke tuinafscheidingen.

    Steenkorven tuinafscheiding
    Het opvullen van metalen korven met stenen of houtschors is een steeds meer gebruikte methode voor de afscherming van de tuin. Dit is gemakkelijk zelf te doen, wel is een sterke fundering belangrijk bij het opvullen met stenen.

    Tuinafscheiding met een haag
    Een natuurlijke haag is eenvoudig te plaatsen, maar moet wel geregeld gesnoeid worden. Deze planten en struiken zijn geschikt als haag: klimop op gaas, conifeer, buxus, beuk en spar. Dit type tuinafscheiding geeft minder bescherming tegen ongewenste bezoekers dan een schutting.

    Houten tuinscherm
    Hout is een natuurlijk materiaal in een tuinomgeving dat zeer geschikt is om tuinafscheidingen mee te vervaardigen. Je kunt kiezen uit diverse houtsoorten; van Europees hout tot exotisch hardhout. De prijs en manier van plaatsen worden voornamelijk bepaald door de hoogte en opbouw van de schutting.

     

  2. Uitzetten

    Bepaal waar je de schutting wilt plaatsen en maak de ondergrond zo vlak mogelijk. Meet hoe lang de schutting moet worden en waar de tussen- en eindpalen moeten komen. Verdeel deze in gelijke delen. Eindpalen staan op het uiteinde van de horizontale plankliggers met een afstand van 4 meter. Maak eerst een situatietekening en bepaal daarna hoeveel en welk materiaal je precies nodig hebt. Als je de plaats van de schutting weet, bepaal je de schuttinghoogte op 1.80 meter. Maak een markering met een koord of touw, hierdoor komen de palen netjes op één lijn te staan.

  3. TIP!

    Standaard tuinschermen

    In tuincentra en bouwmarkten zijn verschillende tuinafscheidingen te verkrijgen. Deze hebben meestal een vaste lengte- en hoogtemaat. Ze zijn variabel in kwaliteit en prijs.

  4. Dubbele verticale planken

    Een schutting met dubbele verticale planken geeft ruimtelijk zicht en zorgt voor een goede privacy en winddoorlatendheid. Kies planken en palen van geschaafd en geïmpregneerd vurenhout of tuinhout.

    • Planken horizontaal: 1,8 x 14,5 x 400 cm.
    • Planken verticaal: 1,8 x 14,5 x 180 cm.
    • Palen: 6,8 x 6,8 x 270cm.

     

  5. Verdeling van de planken

    De schuttingpalen plaats je om de 4 meter met een tussenpaal op elke 2 meter. Houd er rekening mee dat de verticale planken met gelijke tussenruimte ook op een lengte van 4 meter uit moeten komen. Aan de andere zijde bevestig je de planken om de open tussenruimte op te vullen. Om de verticale planken te bevestigen, breng je eerst aan één zijde 3 horizontale liggers op de palen aan, (onder, in het midden en boven). Je kunt dezelfde plankafmetingen gebruiken als voor de verticale planken, alleen de lengte verschilt. Op deze horizontale liggers schroef je de verticale planken vast.

  6. Hoeveel planken heb je nodig?

    Bijvoorbeeld: je hebt gekozen voor een 180 cm hoge schutting. Bij gebruik van 1,8 x 14,5 cm brede schuttingplanken met 7 cm doorkijk, heb je per strekkende meter 5 planken nodig aan de voorzijde en 4 planken aan de achterzijde. Dat zijn 9 planken per meter schuttinglengte. Bij een schuttinglengte van bijvoorbeeld 12 meter heb je: 9 x 12 = 108 verticale planken nodig van 180 cm lengte. Voor de 3 horizontale liggers (boven-onder-midden) heb je 3 planken van 4 meter per deel nodig. Een schutting van 12 meter bestaat uit 3 schuttingdelen. Dit maakt een totaal van 9 horizontale planken van 4 meter.


    Reken enkele verticale planken extra als uitval of onvoorzien. Voor het bevestigen van de planken neem je 4 x 30 mm RVS of verzinkte schroeven. Het aantal schroeven dat je nodig hebt voor de horizontale liggers: 3 x 3 schroeven per plank x 9 = 81 stuks. Voor de verticale planken: 108 x 3= 324. Totaal: 81 + 324= 405 schroeven.

  7. Merktekens

    Voor het uitzetten van de schuttingpalen maak je merktekens buiten de touwlijn (bijvoorbeeld met kleine paaltjes). Bij het graven van de kuil voor de palen zal immers het merkteken op het touw niet goed meer zichtbaar zijn. Het plaatsen van een schutting gaat een stuk sneller als je dit met tweeën doet. Het aanbrengen van bijvoorbeeld de lange horizontale liggers en het in de grond slaan van de palen werkt dan gemakkelijker.

  8. Kuil graven voor de palen

    Je begint met het plaatsen van de hoekpaal. Graaf een smalle kuil van 60 tot 80 cm diep, met een smalle spade of grondboor. Als je de palen stevig wilt wegzetten dan moet je zeker graven tot in de vaste bodem. Een droge ondergrond kun je eerst bevochtigen, dan gaat het boren of graven beter. Er zijn ook verzinkte paalsokkels verkrijgbaar die je direct in de grond kan slaan.

  9. Paalrot voorkomen

    De palen moeten tot 10 cm boven het maaiveld behandeld worden om paalrotting te voorkomen. Hiervoor zijn verschillende beschermingsmiddelen verkrijgbaar, zoals menie en bitumen. Je kunt ook acrylkit gebruiken dat na uitharding waterdicht is. Een alternatief om rotting te voorkomen, is om de paal in een PVC buis met een grotere diameter te plaatsen.

  10. Palen plaatsen

    Plaats de paal in de kuil, gelijk met de middenlijn van de merktekens. Zet een huishoudtrap naast de paal en sla de paal voorzichtig met een paalhamer verder de grond in, totdat het bovengedeelte van de paal gelijk is aan de hoogte van het touw. Controleer na elke slag met de waterpas of de paal nog recht staat. Als het vierkant van de paal tijdens het slaan iets gaat draaien, corrigeer dit dan met een lijmklem in het midden van de paal. Gebruik altijd werkhandschoenen tegen splinters.

  11. Beton storten

    De paal kan nu worden gefixeerd met betonspecie. Maak de betonspecie klaar en giet deze in de kuil. Mengverhouding: 1 kg grof zand, 1 kg grind en 0,5 kg cement. Je kunt ook sneldrogende droge mortel uit de zak in de kuil strooien en daarna water toevoegen. Let goed op dat de paal verticaal blijft staan en in lijn blijft. Controleer dit met een waterpas of een schietlood. Tenslotte stamp je met de steel van de paalhamer de schuttingpalen goed vast.

  12. Tussenpalen

    De tussenpalen plaats je in het midden, volgens de uitgezette merktekens. Span eventueel een koord tussen beide eindpalen en zet de bovenkant van alle palen in lijn.

  13. Horizontaal waterpas

    Om de bovenkant van de palen met zekerheid in lijn te krijgen, gebruik je een slangwaterpas of een doorzichtige tuinslang, gevuld met water. Let wel op dat er geen luchtbellen in de tuinslang zitten. Lukt dit niet, dan kun je palen ook naderhand op maat zagen.

  14. Horizontale planken monteren

    Begin met de onderste horizontale plank en schroef die net iets boven het maaiveld waterpas vast. Wel eerst voorboren om splijten van het hout te voorkomen. Gebruik 3 schroeven per verbinding. Monteer daarna de bovenste plank, waarna de middelste plank volgt. Plaats de planken nauwkeurig en controleer horizontaal met een lange waterpas.

     

  15. Gebruik lijmtangen als extra handje

    Het bevestigen gaat gemakkelijker als je de plank eerst vastklemt met lijmtangen voordat je deze vastschroeft. Het werkt het beste om schuttingdeel voor schuttingdeel plaatsen. Er is namelijk altijd een kans dat je een meetfout hebt gemaakt.

  16. Verticale planken aan de voorzijde monteren

    Begin met de eerste verticale plank aan de zijde die het meest in het oog springt, bijvoorbeeld bij het woonhuis. Gebruik telkens het waterpas of schietlood ter controle. Gemakshalve kun je een paar houten passtukjes maken van ±7 cm. Deze plaats je telkens tussen de eerstvolgende plank. Controleer regelmatig de onderlinge afstand, de plankbreedte kan per plank afwijken.

  17. Verticale planken aan de achterzijde monteren

    Na het monteren van de planken aan de voorzijde, begin je weer vooraan en teken je een middellijn in de tussenruimte van de achterliggende schuttingplanken. Dit is de plaatsbepaling voor het midden van de eerste plank aan de achterzijde. Het is raadzaam alle middelpunten af te tekenen ter controle. Controleer telkens met de waterpas en schietlood of alles recht staat.

  18. Poorten

    Het kan handig zijn om een poort in de schutting te plaatsen De standaard breedtemaat hiervoor is 90 cm, de hoogte is hetzelfde als die van de schutting. Voor de stevigheid en om scharen te voorkomen, plaats je twee tussenplanken onder een hoek van 45°. De palen van de poort worden op dezelfde manier geplaatst als die van de schutting. Denk aan: scharnieren, slot met sleutel, moeren en slotbouten. Eventueel neem je twee langere palen links en rechts en maak je een bovenverbinding met een balk, om het gewicht van de poort te verdelen.

  19. Eindkapjes

    Monteer eindkapjes op de palen om inregenen en houtrot te voorkomen. Als alternatief gebruik je een stukje dakleer dat je vastzet met spijkers, of zaag het bovenstuk van de paal in verstek.

Waardering

Beoordeel dit stappenplan.

Schutting plaatsen

3.9
3.9 of 5

79 totaal

  • 5
    39
  • 4
    18
  • 3
    7
  • 2
    3
  • 1
    12